Een werknemer die zich vanachter de computer wel erg uitbundig met allerlei privézaken bezighoudt: is daar iets tegen te doen? Er zijn grenzen op de bedrijfscomputer tekst: kim van der Hoeven manier en met welke middelen de werk- gever de werknemer kan controleren. Het is dan ook aan te raden om schrifte- lijk een e-mail- en internetgedragscode vast te leggen en deze op een juiste en zorgvuldige manier onder de aandacht te brengen van de werknemers. De code moet voldoen aan de eisen die de WBP stelt. Belangrijk hierbij is dat er sprake is van een goede balans tussen verantwoord e-mail- en internetgebruik en de privacy van de werknemer. Uit de regeling moet onder andere blijken wat onder verantwoord internet- en e-mailgebruik valt (en wat niet), wat het doel van de regeling is, wat de werkge- ver precies controleert, hoe dat gebeurt en wat de sanctiemogelijkheden zijn. Goed werkgeverschap brengt met zich mee dat de werkgever zorgvuldigheid moet betrachten bij het beoordelen van de verkregen gegevens. Als een code ontbreekt, is het lastiger om een werknemer sancties op te leg- gen wegens buitensporig privégebruik van internet en e-mail. Maar helemaal onmogelijk is het niet. Doorslaggevend is de vraag of de werknemer wist of had eel werkgevers storen zich aan het privégebruik van e-mail en internet van werknemers onder dienst- tijd. Het leidt tot productiviteitsverlies én er zitten risico's aan. Zo kunnen er bijvoorbeeld virussen binnenkomen die het bedrijfssysteem lamleggen. En de goede naam van de onderneming kan in het geding komen als een werknemer zich bezighoudt met dubieuze zaken als online gokken of het bezoeken van pornosites. Stel nu dat u het vermoeden heeft dat een werknemer zich vanach- ter de computer wel erg uitbundig met allerlei privézaken bezighoudt, kunt u daar iets tegen doen? De Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP), het Burgerlijk Wetboek (BW) en de jurisprudentie bepalen het juridisch kader. De werkgever moet beleid hebben ontwikkeld ten aanzien van het inter- net- en e-mailgebruik wil hij tot controle over kunnen gaan en zo nodig tot het opleggen van sancties. Uit juris- prudentie en wetgeving blijkt namelijk dat vooraf duidelijk moet zijn op welke V kunnen weten dat zijn gedrag niet door de beugel kan bijvoorbeeld omdat hetgeen de werk- nemer vanachter z'n computer uitvoert, in strijd is met de wet. Uit jurisprudentie blijkt dat de werkge- ver een zekere mate van privégebruik van internet en e-mail tijdens werktijd niet kan verbieden. Waar de grens pre- cies ligt, is echter moeilijk te zeggen en zal per situatie verschillen. In uitspra- ken over ontbinding of ontslag op staan- de voet wegens onevenredig gebruik van e-mail en internet, weegt de rechter in ieder geval altijd de 'overige omstandig- heden van het geval' mee. Zo ging het in een uitspraak van de kantonrechter in Utrecht. Een werkne- mer (55 jaar, 25 jaar in dienst) was op staande voet ontslagen, omdat de werk- nemer gedurende werktijd excessief veel gebruikmaakte van zowel e-mail als internet. De werknemer zelf achtte z'n gedrag niet van dien aard dat dit ontslag rechtvaardigde. De kantonrechter overwoog dat het gedrag van de werknemer in beginsel praktijk xxxxxxx
gever het gebruik van de schoolcompu- ter voor privéactiviteiten verbood. Het conflict leidde uiteindelijk tot schorsing van de werknemer. Ondertussen liep de e-mailbox van de werknemer op de schoolcomputer vol met berichten die verband hielden met porno. Daarop verzocht de werkgever om ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De werk- nemer stelde zich op het standpunt dat de school onrechtmatig inbreuk had gemaakt op zijn privacy op de werkplek. Volgens de kantonrechter had de werk- nemer de goede naam van de onderwijs- instelling geschaad en zich bepaald niet als goed werknemer gedragen. Het had de werknemer, ook zonder regeling of een expliciet verbod, duidelijk moeten zijn dat z'n gedrag niet te tolereren is. Ten slotte woog de rechter het recht op privacy op de werkplek af tegen het recht van de onderwijsinstelling om niet met seksactiviteiten in verband te willen worden gebracht. Bij deze afweging van belangen prevaleerde in dit geval het recht van de school. De kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst, zon- der toekenning van een vergoeding. wel degelijk ontbinding van de arbeidsovereenkomst zou kun- nen rechtvaardigen. Desalniettemin ging hij daar niet toe over. Hoewel de werkgever geen code of regels inzake privégebruik van internet kende en bovendien had verzuimd de werknemer eerst te waarschuwen, hechtte de rech- ter in dit geval ook veel belang aan 'de overige omstandigheden van het geval'. Die betroffen het lange dienstverband van de werknemer, z'n goede staat van dienst en het feit dat ontbinding hem persoonlijk hard zou treffen: de betref- fende werknemer had een gezin met twee minderjarige kinderen van wie één meervoudig gehandicapt was, en gezien z'n leeftijd zou het moeilijk voor hem zijn een nieuwe baan te vinden. In een andere uitspraak (kantonrechter Emmen) ging het om een werknemer die naast zijn werk als onderwijsas- sistent een lectuurhal annex seksshop exploiteerde. Er kwamen de nodige klachten de computer van de school deed steeds vaker dienst als de compu- ter van de seksshop waarop de werk- Meer weten over de juridische dienstverlening van AWVN? Neem contact op met de specialisten van AWVN. Bel of mail de AWVN- werkgeverslijn, (070) 850 86 05, werkgeverslijn@ awvn.nl. Dat het té rigoureus toepassen van de gedragscode averechts kan werken, blijkt uit het volgende geval (kanton- rechter Maastricht). Een medewerker van een fabriek bleek veel gebruik te maken van een computer die alleen bedoeld was om incidenteel werkgerela- teerde e-mail te verzenden. De werkge- ver zette na ontdekking hiervan direct in op ontbinding van de arbeidsovereen- komst: hij had immers gedragsregels voor internet- en e-mailgebruik opge- steld en de werknemer had deze code ondertekend. De werknemer gaf toe dat hij de com- puter ook voor privédoeleinden had gebruikt. Hij heeft een autistisch zoon- tje en had over de aandoening van z'n kind informatie gezocht. Ook gebruikte hij de computer geregeld om contact met het thuisfront te onderhouden over de toestand van zijn zoontje. De werkne- mer vond, gezien de omstandigheden, een waarschuwing meer voor de hand liggen vooral ook omdat op z'n werk niets was aan te merken. De kanton- rechter was het daarmee eens en wees het ontbindingsverzoek af. p 12 | 13 WErk gEvEn nummEr 6
www.publitas.com, www.publitas.nl
werkgeven_december_2009 main