het AfrikAAnse iJslAnd Het tot voor kort door burgeroorlog geplaagde Djibouti geeft nu langzaam maar zeker zijn geheimen prijs een door tektonische krachten gespleten landschap van geisers, slapende vulkanen, zwarte lavavelden en uit- gestrekte zoutvlakten op het laagste punt van Afrika. Djibouti, een ministaat die ligt ingeklemd tussen Ethiopië en Somalië, was decennialang een no-go area. Sinds het Oost-Afrikaanse land in 1977 onafhankelijk werd van Frankrijk, volgde het ene etnische conflict na het andere tussen de bevolkings groepen Afar en Issa. Gelukkig is de rust sinds het vredesakkoord in 2001 teruggekeerd en is het hele land nu één grote ontdekking. Natuur liefhebbers beweren stellig dat Djibouti dat krap de helft van Nederland beslaat het Afrikaanse equivalent van IJsland is. Niet in de laatste plaats om de tektonische krachten die zich laten gelden. De continentale platen van Afrika en Arabië worden hier langzaam maar zeker uit elkaar getrokken, wat in het binnenland leidt tot betoverende landschappen met bizarre rots formaties, geisers en luid rommelende heetwater bronnen. Zo ligt in de Danakilwoestijn, in het noordelijke puntje van de Grote Riftvallei, een glinsterende witte vlakte onder een genadeloze zon. Het gebied is gortdroog en wordt gegeseld door een genadeloze woestijnwind niets wil hier groeien of leven. Hier, zo'n 155 meter onder zeeniveau, ligt Assal, het meer dat dit buitenaardse landschap heeft 012 DJIBOUTI nIeUwe BesTemmIng
COLUmBUsmAgAZIne.nL/DJIBOUTI gevormd. Het wordt gevoed met zeewater dat binnenstroomt via diepe, ondergrondse scheuren in de aardkorst. Bij een temperatuur die in de zomer kan oplopen tot 50 °C, verdampt het meer in rap tempo. Dat heeft geleid tot een enorme zoutvlakte. Misschien niet de grootste ter wereld die eer gaat naar de 12.000 vierkante kilometer grote Uyuni in Bolivia maar wel eentje waar het labeltje 'toeristische trekpleister' nog niet aan hangt. Een wandeling over de 80 meter dikke zoutkorst is een uitzonderlijke ervaring. Het zout kraakt onder je voeten alsof je op verse sneeuw loopt. Het is een surrealistische gewaarwording op een van de heetste plekken op aarde. nOmADen De beste manier om dit natuurwonder te bereiken is te voet. Met nomaden die hier komen om het kostbare zout met een paar pikhouwelen los te wrikken en vervolgens in Ethiopië te verhandelen. Je wordt op sleeptouw genomen door de Afar, een woestijnvolk dat al duizenden jaren een spartaans bestaan leidt in deze regio. Tot de vroeg twintigste eeuw verdienden de Afar een aardige duit met de slavenhandel, tegenwoordig vormen veehouderij en zoutwinning de belangrijkste bron van inkomst. Met een beetje mazzel spreekt iemand in het karavaan- gezelschap Frans en krijg je meer te weten over de geschiedenis van de Afar als geduchte krijgers. De zeven dagen en 125 kilometer lange trektocht begint bij Lac Abbé, aan de grens met Ethiopië, waar heetwaterbronnen een geliefde broedplaats voor vogelsoorten als de pelikaan, ibis en roze flamingo vormen. De route loopt verder via uitgestrekte vlakten en steevast van kleur verschietende valleien naar de (voor het merendeel) uitgedroogde rivierbedding Oued Kalou. Het hoge pad langs de wand van dit ravijn biedt een eersteklas uitzicht op Lac Assal. Zorg dat je hier bent tegen het vallen van de avond, als de zon achter de omliggende slapende vulkanen en zwarte lavavelden wegzakt en de maan de zout vlakte in een magisch licht hult. Slapen doe je aan de oever van het meer, onder de blote sterren hemel. Als je in de verleiding komt het water in te gaan, bedenk je dan dat de bodem uit vlijmscherpe zoutkristallen bestaat en binnen de kortste keren je huid openhaalt. Het woestijnlandschap van het binnenland lijkt tijd- en eindeloos, maar schijn bedriegt. Djibouti, de levendige hoofdstad, ligt op slechts anderhalf uur rijden van Lac Assal. Je kunt je er in de prachtige architectuur storten die Arabische handelaren uit de oudheid hebben achtergelaten of van de Franse koloniale invloed proeven in de vorm van een vers croissantje en een sterke bak koffie. Maar de stad dient vooral als uitvalsbasis voor de schitterende kust van Djibouti. Op slechts 11 kilometer afstand liggen de Maskali- en Moucha-eilanden, die worden omzoomd door koraalriffen en stranden en een goed bewaard geheim vormen onder gevorderde duikers. Wie in het warme water van de Golf van Tadjoura springt, kan onder andere zwemmen met dolfijnen en snorkelen met de koning van de zee: de tot wel vijftien meter grote walvishaai. ? columbusmagazine.nl/djibouti 013 nIeUwe BesTemmIng DJIBOUTI